Hebben je hersenen koolhydraten nodig?
Share
“Je hersenen hebben glucose nodig.”
Dat hoor je overal. En dat klopt ook.
Maar vervolgens wordt daar vaak automatisch aan toegevoegd:
“Dus je móét koolhydraten eten.”
En dat is een hele andere uitspraak.
Want glucose en koolhydraten zijn niet hetzelfde. Glucose is een brandstof die het lichaam gebruikt. Koolhydraten zijn één manier om aan die brandstof te komen.
Wanneer je koolhydraten eet, worden die afgebroken tot glucose. Dat is de snelle en directe route. Maar wanneer je weinig of geen koolhydraten eet, stopt je lichaam niet ineens met functioneren. Je valt niet spontaan om omdat je geen brood of havermout hebt gegeten.
Ons lichaam heeft namelijk al heel lang systemen om zelf glucose aan te maken wanneer dat nodig is.
Wat is gluconeogenese?
Dat proces heet gluconeogenese.
Het woord klinkt ingewikkeld, maar betekent letterlijk:
- gluco = glucose
- neo = nieuw
- genese = maken
Nieuwe glucose maken dus.
Dat gebeurt voornamelijk in de lever en deels in de nieren.
En nee, dit is geen soort “paniekstand” van het lichaam of een noodmechanisme dat alleen gebruikt wordt wanneer iemand verhongert. Het is normale menselijke fysiologie.
We hebben miljoenen jaren geleefd zonder constante toegang tot ontbijtgranen, sportdrankjes, snacks of suiker. Ons lichaam moest dus wel systemen ontwikkelen om stabiel te blijven functioneren.
Wanneer je weinig koolhydraten eet en insuline daalt, krijgt je lichaam het signaal dat het zelf brandstof moet gaan regelen. Het lichaam maakt dan glucose uit andere stoffen, voornamelijk uit aminozuren uit eiwitten en glycerol uit vetten.
Dat betekent dus dat het lichaam letterlijk zelf glucose kan produceren.
Veel mensen denken nog steeds dat glucose alleen maar uit koolhydraten kan komen. Maar biologisch gezien klopt dat gewoon niet.
Zelfs vet kan bijdragen aan glucoseproductie
Een interessant deel hiervan is dat vetten niet alleen gebruikt worden als vetverbranding, maar indirect ook kunnen bijdragen aan glucoseproductie.
Zelfs vet kan indirect gebruikt worden om glucose te maken.
Wanneer het lichaam vet afbreekt, komt er glycerol vrij. De lever kan dat gebruiken om nieuwe glucose aan te maken.
Dus zelfs vet kan indirect helpen om het lichaam van glucose te voorzien wanneer er weinig koolhydraten gegeten worden.
Dat laat zien hoe flexibel het menselijk lichaam eigenlijk ontworpen is.
Het brein draait niet alleen op glucose
Nog een grote misvatting is dat het brein uitsluitend op glucose zou functioneren.
Dat klopt ook niet.
Wanneer insuline laag blijft, bijvoorbeeld tijdens vasten, keto of carnivoor, verandert de stofwisseling van het lichaam.
Het lichaam gaat dan meer vet verbranden en produceert ketonen.
Ketonen zijn stoffen die in de lever gemaakt worden uit vetzuren en dienen als alternatieve brandstof voor de hersenen en het lichaam.
En dat verandert veel.
Want daardoor hoeft het brein niet meer volledig afhankelijk te zijn van glucose.
Sterker nog: tijdens langdurig vasten of ketose kan een groot deel van de energievoorziening van het brein afkomstig zijn uit ketonen.
Daardoor daalt de hoeveelheid glucose die het lichaam nodig heeft enorm.
Sommige cellen blijven altijd glucose nodig hebben, zoals rode bloedcellen en bepaalde delen van het zenuwstelsel. Maar doordat ketonen een groot deel van de energie overnemen, hoeft het lichaam veel minder glucose te produceren dan mensen vaak denken.
Dr. George Cahill ontdekte dit al tientallen jaren geleden
Veel mensen denken dat dit een nieuwe trend van internet of social media is, maar onderzoek naar ketonen en vasten bestaat al heel lang.
Dr. George Cahill onderzocht meer dan vijftig jaar geleden al wat er gebeurt tijdens langdurig vasten.
Hij ontdekte dat het brein tijdens vasten grotendeels overschakelt op ketonen als brandstof.
Dat was een enorme ontdekking binnen de metabole wetenschap.
Want daarmee werd duidelijk dat het menselijk lichaam helemaal niet afhankelijk is van constante koolhydraatinname om het brein van energie te voorzien.
Het lichaam kan schakelen tussen verschillende brandstofsystemen. En eigenlijk is dát juist metabolische flexibiliteit.
Waarom zoveel mensen zich beter voelen met minder koolhydraten
Dit betekent niet dat iedereen per se carnivoor of keto moet eten.
Maar het verklaart wel waarom sommige mensen zich mentaal helderder, stabieler of energieker voelen wanneer ze minder suiker en ultra bewerkte koolhydraten eten.
Veel mensen merken:
- minder energiedips
- stabielere energie
- minder cravings
- langere verzadiging
- minder brain fog
- minder obsessief denken aan eten
Dat komt vaak doordat bloedsuikerschommelingen verminderen en het lichaam stabielere brandstof krijgt.
Veel mensen denken dat ze “koolhydraten nodig hebben”, terwijl ze eigenlijk gewend zijn geraakt aan continue pieken en dalen in bloedsuiker.
Wanneer iemand de hele dag ultra bewerkte koolhydraten eet, stijgt de bloedsuiker snel en daalt daarna vaak ook weer snel. Dat veroorzaakt opnieuw trek, vermoeidheid en cravings.
Veel mensen ervaren daardoor constant honger of het gevoel dat ze “weer iets nodig hebben”.
Maar stabiele energie voelt heel anders.
Daarom wordt metabole psychiatrie steeds groter
De laatste jaren groeit ook de interesse in metabole psychiatrie.
Dat is een relatief nieuwe tak binnen de geneeskunde die onderzoekt hoe stofwisseling, insuline, ketose en mitochondriale gezondheid invloed hebben op mentale gezondheid.
Onderzoekers kijken hierbij onder andere naar de rol van ketonen bij aandoeningen zoals depressie, angststoornissen en neurologische klachten.
Dat betekent niet dat keto of carnivoor een wondermiddel is voor iedereen. Maar het laat wel zien dat voeding veel meer invloed heeft op het brein dan jarenlang gedacht werd.
Het brein reageert namelijk niet alleen op calorieën, maar ook op ontsteking, energieproductie, hormonen en bloedsuikerstabiliteit.
Koolhydraten zijn niet essentieel
Er bestaan essentiële aminozuren.
Er bestaan essentiële vetzuren.
Maar er bestaat geen essentiële koolhydraat.
Dat betekent niet dat niemand ooit koolhydraten zou mogen eten. Maar wel dat het lichaam systemen heeft om zonder directe koolhydraatinname te functioneren.
Dat verschil is belangrijk.
Want veel mensen zijn gaan geloven dat het lichaam extreem afhankelijk en kwetsbaar is, terwijl het menselijk lichaam juist ontworpen is om zich aan te passen aan verschillende omstandigheden.
Het echte probleem van moderne voeding
Dit gaat ook niet over angst voor één stuk fruit of een keer havermout.
Het echte probleem is meestal de enorme hoeveelheid ultra bewerkte voeding die tegenwoordig normaal geworden is.
Continue snacks.
Frisdrank.
Ontbijtgranen.
Koekjes.
Suikerpieken.
Nooit echte verzadiging.
Veel mensen zijn volledig kwijtgeraakt hoe stabiele energie eigenlijk hoort te voelen.
En juist daarom voelen sommigen zich zó anders wanneer ze overstappen op meer voedzame voeding met voldoende eiwitten, dierlijke vetten en minder ultra bewerkte koolhydraten.
Elektrolyten spelen hierbij vaak ook een grote rol
Veel mensen die overstappen op keto, carnivoor of vasten denken in het begin dat ze “koolhydraten tekortkomen”, terwijl ze eigenlijk vooral vocht en elektrolyten verliezen.
Zeker wanneer insuline daalt, scheidt het lichaam meer vocht en mineralen uit.
Daardoor kunnen klachten ontstaan zoals:
hoofdpijn, vermoeidheid, spierkrampen, duizeligheid of futloosheid.
Dat wordt vaak de keto flu genoemd.
In onze blog over elektrolyten leggen we uitgebreider uit waarom natrium, kalium en magnesium zo belangrijk zijn tijdens keto en carnivoor.
Veel mensen merken dat hun energie en hydratatie enorm verbeteren wanneer die mineralen weer goed aangevuld worden.
Tot slot
Dus ja:
je brein heeft glucose nodig.
Maar nee:
dat betekent niet automatisch dat je brood, pasta of suiker moet eten om gezond te functioneren.
Je lichaam kan zelf glucose maken via gluconeogenese.
Je lichaam kan ketonen produceren uit vet.
En je brein kan die ketonen gebruiken als brandstof.
Dat is geen hype, biohack of noodmechanisme.
Dat is menselijke biologie.